Leven van wat komt. Een katholiek uitzicht op de samenleving.

Inleiding

borgman profiel

Borgman schreef, zo zegt hij in het nawoord, dit boek voor mensen die bij katholieke/ christelijke organisaties werken, maar in deze tijd hun inspiratie en visie wat kwijt zijn geraakt. Hij biedt een manier van kijken die anders is dan een op maakbaarheid gerichte aanpak, gefundeerd op waarden en operationalisering. Als bronnen gebruikt hij de verhalen over Jezus, de Dominicaanse traditie (waar hij lekenbroeder van is), teksten van het Vaticaans concilie, het denken van filosofen als Hannah Arendt en Charles Taylor en uitspraken en lezingen van de huidige paus Johannes en met name zijn visie op de toekomst van de aarde Laudate Si. In zijn slotwoord geeft hij aan dat hij er van verschillende kanten is aangedrongen op het schrijven van dit boek. Hij noemt daarbij als reden de ontwikkelingen in de maatschappij, de voortgaande verdamping van het kerkelijk leven en het beleid op de universiteit. Over dat laatste schrijft hij in zijn slotwoord: ‘Aandacht voor de normatieve betekenis van traditie en identiteit is op de huidige universiteit niet vanzelfsprekend’. Op pagina 28 geeft hij een verdere toelichting op de insteek van zijn boek:

‘Het is de welbewust tegendraadse keuze van dit boek geloof te beschouwen als toegang tot de werkelijkheid, als een sleutel om haar te openen, een licht om haar in haar ware gedaante zichtbaar te maken en een benadering om haar tot spreken te brengen. Het gaat volgens het hier ontwikkelde uitzicht bij het doen van het goede niet om wat wij willen, wat onze voorkeur heeft, wat wij het nastreven waardig vinden, of wat wij voor elkaar weten te krijgen, hoe dan ook geïnspireerd. Het gaat om wat zich te kennen geeft, om wat er in wat zich te kennen geeft van ons wordt verlangd en wat langs deze weg voor ons, als wij daarop ingaan vervolgens ook via ons, mogelijk wordt’.

Borgman herijkt de teksten van het Vaticaans concilie en haalt Paus Franciscus aan die bij de vijftigste verjaardag van dit concilie zegt: Het was de hervatting van de reis om mensen te ontmoeten waar zij zijn: in hun steden en huizen, op hun werkplekken. In de woorden van Borgman: zijn waar mensen zijn om in verbondenheid met hen te horen wat daar aan goddelijke nabijheid zichtbaar wordt. Dit ‘zijn waar mensen zijn’ is een van de kernmotieven van het betoog.

Al lezend geeft dit boek zijn geheimen niet makkelijk prijs. De essentie is niet geordend opgeschreven alsof hij zich tegen zo’n stijl verzet. Maar daarmee wil ik niet zeggen dat er geen zeer fundamentele vragen aan bod komen en er niet op een hoog niveau getheologiseerd wordt. De schrijver heeft een zoekende associatieve manier om zijn onderwerp te benaderen om zo, vanuit verschillende gezichtspunten, iets te laten oplichten dat uiteindelijk de – bijna mystieke – kern van zijn betoog uit maakt. Het is daarmee eerder een religieus boek geworden dat vraagt om een ontvangende manier van lezen. Hier voor moet je de tijd nemen, de hoofdstukken herlezen, thema’s overdenken en verwerken. Het was voor mij een goede invulling van de bezinningstijd voor Pasen 2018.

images (4)

Dat het boek ‘traag werkt’ komt misschien ook omdat zijn denklijn haaks staat op wat gangbaar is in deze tijd van maakbaarheid en doelgericht werken. Zijn grote nadruk op het contemplatief omgaan met wat zich aan aandoet en het verzet zich tegen een al te straffe maatschappij- en kerkverandering moet even landen. Borgman probeert je steeds de werkende kracht van God en het voorbeeld van Jezus te laten zien, maar ook dat naar zijn overtuiging de instrumentele manieren van werken aan verandering niet werken.

Het boek gaat in op verschillende thema’s. Hij schrijft over ecologie, onderwijs, economie, zorg, politiek en vooral over wat mensen verbindt in liefde. Het kan ook voor professionals in de zorg en het onderwijs interessant zijn om te horen wat er vanuit de theologie over hun vakgebied gezegd wordt. Mij heeft het boek me weer opnieuw gewezen op het belang van goed ontvankelijk kijken en luisteren. Het open staan in ontmoetingen met mensen.

Omdat het niet te doen is om het hele boek samen te vatten, beperk ik mij tot wat aantekeningen bij hoofdstuk 1 dat ingaat op het begrip contemplatieve verbondenheid en hoofdstuk 4 over integrale ecologie en de visie van de paus zoals vastgelegd in Laudate si. Tenslotte probeer ik in een nawoord een en ander te verwerken ten behoeve van mijn eigen werk en ‘in het leven staan’.

Hoofdstuk 1. In vreugde en hoop, verdriet en angst. Contemplatieve verbondenheid

In dit inleidende hoofdstuk komt de centrale opdracht van christenen ter sprake. Ze is te lezen in een van de belangrijke boeken van het Vaticaanse concilie, Gaudium et spes.

‘Vreugde en hoop, verdriet en angst van de mensen van vandaag(..) zijn evenzeer de vreugde en de hoop, het verdriet en de angst van de leerlingen van Christus; er is werkelijk niets bij mensen te vinden dat geen weerklank vindt in hun hart’. Gaudium er spes 1965.

Deze bevrijdende boodschap, die zijn bron heeft in Jezus van Nazareth, Gezalfde van God, deze verbondenheid met het dagelijks leven van mensen, is universeel en niet het alleenrecht van een bepaalde groep, institutie en daarmee ook niet van de Rooms-katholieke kerk. Borgman gebruikt dit citaat om duidelijk te maken dat de kerkgemeenschap mensen verzamelt op de plaats waar hun leven zich afspeelt met alle spanningen, paradoxen en gebeurtenissen die daar bij horen. Het is het leven van mensen, de impact, die de mensen bij elkaar brengt. Hij spreekt over een evangelische boodschap van bevrijding die verkondigt en gevierd wordt, de mensheid in zijn veelvoudigheid en God in zijn onuitputtelijke liefde en verlangen naar gemeenschap. Het gaat om alle mensen zonder onderscheid. Dit uitgangspunt is geen eigendom is van de kerk of welke organisatie dan ook. Ze is universeel.

Hij ziet deze universele boodschap van bevrijding als zeer revolutionair, omdat ze tegen de tendensen tot participatiedrang (maakbaarheid) en abstracte universalisering in gaat. Geloven is een engagement met het heil van iedereen en elke groep, een heil dat verborgen is in hun verlangen en hun pijn, in wat zij vrezen en wat hen gelukkig maakt. Dit is wat in essentie ook in het leven, in de boodschap, in het lijden en het sterven van Jezus aan het licht komt.

De insteek van het Vaticaans concilie was het onderzoeken van de tekenen van de tijd en deze te interpreteren in het licht van het evangelie. Het radicale was niet alleen de kerk bij de tijd te brengen, maar specifieker de aansluiting en verbondenheid van de kerk bij het gewone dagelijks leven van mensen. Vooral wat er gebeurt in het leven van de armen, de mensen die te lijden hebben dat vaak wordt gebagatelliseerd of genegeerd met het argument dat zij niet hip zijn of omdat zij niet mee gaan met de tijd.

images (6)

Paus Franciscus sprak in 2013 over de ‘globalisering van de onverschilligheid’ als uitwas van de moderniteit. De idee van aandacht voor ‘vreugde en hoop, verdriet en angst’ waar Borgman van uit gaat, wil zeggen dat ‘verbonden zijn’ essentieel is voor het ontdekken van wie we zelf zijn. Het is wezenlijk voor onze cultuur, een menswaardige politiek en een menselijke economie. We zijn immers elkaars hoeders.

Dit geloof is de essentie van de boodschap die de schrijver in dit boek probeert aan te tonen. Hij wil, net als apostel Petrus, rekenschap af leggen van de hoop die in hem leeft. Het gelovig uitgangspunt is dat ons leven uiteindelijk gedragen wordt door Diegene die ons leerde geloven om elkaars broeders hoeders en elkaars begunstigden te zijn, praktijken in te zetten die hier mee corresponderen. Dat is theologisch gesproken het enige geloofwaardige fundament voor hoop in de toekomst.

amor orbi

De maatschappelijke betekenis van geloof is niet een idee of een motivatie om het goede te realiseren. Alsof we al weten wat er gedaan moet worden en een reden moeten hebben om dit te gaan doen. Dan maakt het niet uit of de visie religieus of seculier is. De insteek is geloof als sleutel om de werkelijkheid te openen.

Vanuit deze visie is

‘het interpreteren van de actualiteit in het licht van de boodschap van Jezus verkondiging en leven, aangeblazen door zijn Geest, is de gelovige taak bij uitstek. Spreken over en handelen op basis van wat zij zo ontdekken, is de bijdrage die geloof en kerk te leveren hebben aan de voortgang van de menselijke samenleving’. p. 29

Borgman vervolgt daarna fijntjes dat zijn leraar Edward Schillebeeckx na het concilie de bisschoppen adviseerde om een basisdocument te maken waarin die noodzakelijke interpretatie van de actualiteit ofwel een fundamentele maatschappijanalyse beschreven werd, voor dat er in een Landelijk Pastoraal Overleg over de tweede vraag gesproken kon worden n.l. wat staat ons, in het licht van de boodschap van Jezus en aangeblazen door de Geest, nu te doen. Volgens Borgman is dit aspect -doordat die analyse niet is gemaakt – sterk is verwaarloosd met grote gevolgen voor de ontwikkelingen in de katholieke kerk de laatste 50 jaar.

Nog steeds is die analyse volgens Borgman belangrijk, maar ze hoeft niet persé alomvattend te zijn. Belangrijker nu is het besef van God’s leven gevende betrokkenheid. Leven van wat komt, en wat ons daarin gegeven wordt en dat op de plaats waar wij zijn. Hij vindt dit o.a. terug in een tekst van de huidige paus. Evangelii Gaudium. Leven vanuit zo’n contemplatief standpunt betekent:

‘Vanuit een standpunt van het geloof dat de God ontdekt die in haar huizen, in haar straten, op haar pleinen woont. De tegenwoordigheid van God begeleidt het oprechte zoeken van mensen en groeperingen om steun en zin voor hun leven te vinden. Hij leeft onder de burgers en bevordert de solidariteit, de broederlijkheid, het verlangen naar het goede, naar waarheid, naar gerechtigheid’. EG. 71.

God is in de stad. Door onze ontmoeting met God en ons handelen vanuit deze

oogenwereldontmoeting worden wij als mensen een plaats van goddelijke presentie, gist in het deeg van de geschiedenis. Opnieuw en anders geformuleerd: Het gaat er niet om wat wij voor elkaar krijgen, maar om wat komt en ons verandert en vernieuwt. Dan kunnen wij deze verandering en vernieuwing op onze manier belichamen en voortzetten. Zien waar het licht van de liefde zich aandient, het binnen laten en zich er van in dienst stellen.

Als voorbeeld van zo’n contemplatieve houding herkent Borgman in het levensverhaal van Marga Klompé en de vertelling over de Barmhartige Samaritaan. Hij ziet daar in een revolutionair afdalen in de situatie/wereld. Het betekent een afscheid nemen van een illusie van veiligheid en gezondheid en het idee dat als we maar hard genoeg ons best doen bij het bestrijden van ongeluk en gevaar, ziekte en armoede, we deze problemen kunnen oplossen. Kern is het komen tot een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid, waarbij afstandelijkheid wordt ingeruild voor betrokkenheid, externe aansturing voor deelname, abstracte visie voor concrete toewijding. Het gaat om een wezenlijk radicale verbintenis met opnieuw de vreugde en de hoop, het verdriet en de angst van hedendaagse mensen.

Hoofdstuk 4. Deelnemen aan het goede. Ecologie en contemplatieve politiek.

aarde

De schrijver gebruikt de pauselijke tekst Laudate Si om zijn katholieke kijk van ‘leven van wat komt’ verder te onderzoeken. De tekst spreekt nadrukkelijk over een ecologische bekering. Vanuit de joods-christelijke traditie zou je dan kunnen komen tot een milieu politiek. Toch is dat niet helemaal wat hij zoekt en doet geen recht aan het document.

Beter is te spreken over een integrale ecologie. Het geheel van factoren moet integraal worden bekeken, maar startend bij een duidelijk gelovig uitgangspunt. De manier van kijken en handelen van Jezus biedt de onderliggende samenhang. Citaat:

‘Het Rijk van God zoals Jezus dat verkondigde, is de toestand waarin alles en allen tot hun recht komen, zonder belemmering uit kunnen groeien tot wat volgens God hun bestemming is, en hierbij en hierdoor elkaar tot steun zijn. Dit is de situatie met het oog waarop alles oorspronkelijk is geschapen’ Ls. P. 91

Werken aan integrale ecologie gaat uit van het bewonderen van de aarde/ de schepping als een mysterie. Het is een uitwerking van zijn insteek n.l. geloof als kennisbron te gebruiken. Integrale ecologie wil dat we ons laten gezeggen door onze afhankelijkheid van de aarde en van elkaar en de gezamenlijke verantwoordelijkheid die het vraagt om die aarde in zijn veelkleurigheid te bewaren. Deze benadering is uiteindelijk theologisch en voert volgens de tekst terug naar de boodschap van Jezus die het Rijk van God verkondigde. De toestand waarin alles en allen tot hun recht komen, zonder belemmering kunnen groeien tot wat volgens Gods bedoelingen hun bestemming is, en waarbij mensen elkaar tot steun zijn. De praktijk van Jezus en de mensen die hem navolgen is een leven door genade en dienstbaarheid. Tot op vandaag, ook als het gaat om het omgaan met de schepping.

‘Gods verlossende kracht is in deze visie niet een van buiten werkende macht, maar werkt via het geheimzinnige verband waarin de dingen elkaar in hun diversiteit en veelkleurigheid beschermen en voeden, aanvullen en herstellen, dynamiseren en nieuwe mogelijkheden geven. (..) De natuur schenden staat op een lijn met geweld en mishandeling en met het negeren en verwaarlozen van de meest kwetsbaren’.

Tegenover integraal denken over de natuur staat het technologisch paradigma dat uit is op onderwerping, dat alles beschouwt als grondstof voor projecten en mensen hierbij reduceert tot eendimensionaal nut. Volgens Laudate Si moet dit paradigma doorbroken worden. Nadruk moet gelegd worden op het herstel van relationaliteit en onderlinge dienstbaarheid, gericht op authentieke menselijkheid. Integrale ecologie benadrukt de onderlinge afhankelijkheid van alles en is een manier van kijken die het mogelijk maakt om de draagkracht en doorbraken van het goede te zien en naar waarde te schatten. Het vraagt om een contemplatieve houding.

Sleutelbegrip in dit hoofdstuk is ‘Bonum Commune’. Borgman vertaalt dit met het goede

meloen

dat aan de gemeenschap behoort en daarom zo veel mogelijk door de gemeenschap beheerd moet worden. Het staat tegenover het persoonlijk goede, dat wat het leven voor individuen goed maakt. Denk bijvoorbeeld aan het accent op de eigen vrijheid. Het gemeenschappelijk goede is het totaal van voorwaarden waardoor groepen als enkelingen hun eigen verlangens en doelen kunnen realiseren. In het gemeenschappelijk goede is de morele waarde die de gemeenschap wil behartigen opgenomen. Het is te zien als de sociale gemeenschappelijke dimensie van wat moreel goed is.

Het beheer van de aarde behoort tot het gemeenschappelijk goede. In Laudate si wordt benadrukt dat de hele schepping een gemeenschap is waar de mensengemeenschap deel van is. Als de schepping lijdt, lijden de mensen en doorgaans zijn dat de mensen die toch al kwetsbaar zijn. Verantwoordelijkheid voor het gemeenschappelijk goede betekent besef hebben van afhankelijkheid en betrokkenheid. Laudate Si benadrukt sterk de relationaliteit. Tussen mensen maar ook in de omgang met de materie: dingen, materialen, duurzaam werk.

Eigenlijk is elk schepsel goed in zichzelf en draagt een doel in zich. Dit staat tegenover een onthechte functionele opvatting en omgang met dingen. Als schepping een netwerk is van broeder en zusterlijkheid kan hierin niets of niemand worden aangetast zonder het geheel aan te tasten.

‘Alles staat in relatie tot elkaar en wij allen, menselijke wezens zijn verenigd als broeders en zusters in een wonderbaarlijke pelgrimstocht, met elkaar verweven door Gods liefde voor elk van zijn schepselen, die ons ook in tedere aanhankelijkheid verenigt met zuster zon, broeder maan, broeder rivier en moeder aarde’. Ls p.92

Als het gaat om een aanpak verzet Borgman zich tegen religieuze kitsch. Afscheid van een sociaal politieke aanpak van willen, macht ontwikkelen, kennis vergaren, het aanbod aantrekkelijk maken, en verkopen met een verhaal van hoop en genade. God als gemakkelijke kapstok. Laudate Si gebruikt woorden als hoop en genade, maar dan gericht op ontvangen, jezelf er aan vertrouwen en er mee verbinden. Kortom niet werken met een masterplan, maar een manier van kijken, te midden van de ontwikkeling van de geschiedenis en haar dubbelzinnigheden, en daarbinnen de doorbraken van het goede te zien. Het is een contemplatief standpunt. De goede ecologische initiatieven zijn de signalen dat het Rijk van God bezig is te gebeuren. We moeten volgens Laudate si, niet bezig zijn om de wereld duurzaam te maken. Het is geen probleem dat we moeten oplossen. Dan blijven we in het klassieke probleem/analyse/ oplossing schema zitten. Borgman schrijft:

‘Wie zich overgeeft aan het vertrouwen, zal door de wijsheid worden wakker gekust. Willen wij kunnen bijdragen aan de fundamentele verandering die nodig is, dan moet de kracht tot verandering ons aanraken en wekken. Erop wachten om gewekt te worden, dit is de inhoud van wat ik als de kern beschouw van een katholiek uitzicht op de samenleving’. LVWK. p. 105

Hij erkent na dit citaat dat deze houding van wachten en openstaan voor wat komt in onze activistische cultuur volkomen contra-intuitief is. Net zo contra-intuitief als de christelijke boodschap dat ‘wie zijn leven wil behouden het moet verliezen’. (Lucas 9,24) Laudate Si roept op tot een herontdekking van een specifiek religieuze grondslag van creativiteit: geloven in en vertrouwen op, verlangen en uitzien naar wat onvoorstelbaar is, maar zich aandient. Omdat alleen het onvoorstelbare ons kan geven wat wij nodig hebben. Deze ‘gelovige’ houding maakt dat we hoop vinden waar slechts hopeloosheid lijkt te resten. Deze ironische verbeelding maakt het mogelijk ons niet af te keren van de puinhopen die onze wereld vullen, maar van de wereld te houden in al haar gebrokenheid. Omdat er in deze gebrokenheid van getuigt dat zij uiteindelijk wordt gedragen door een wijsheid die niet weet wat gevangenschap is en dankzij haar onstuitbare vrijheid ondanks alles hoop wekt. Lvwk. p. 106

Verwerking.

Ik schreef al dat Borgman je aan het werk zet. Hieronder herneem ik wat ik in de hoofdstukken tegen kwam en probeer te begrijpen.

  1. De wereld is niet leeg, het is de plaats waar God present is.

arendt over god

De wereld is in de ogen van Borgman de plaats waar God present is en werkt. Hoewel vaak een rommeltje, niet meer dan een veldhospitaal waar met beperkte middelen gewerkt wordt aan wat kan en mogelijk is. Deze rommelige en modderige wereld van mensen in hun gebrokenheid is de eerste vindplaats van het goede of heilige. Mooi is dat Borgman breder kijkt dan zijn eigen traditie en de joodse filosofe Hannah Arendt gebruikt om iets te zeggen over de politiek en de rol van mensen in de samenleving. In de visie van Arendt is politiek het proces waarin mensen met hun verschillende verlangens en ideeën, waarden en idealen een gezamenlijke wereld vormen van betekenis, verbinding en handelingsmogelijkheden. Op die manier ziet Arendt dat gehele krachtenveld van mensen en groepen als een wonder en mensen als producent van toekomst. p. 13. En die ‘wereld’, wat bij haar een sleutelbegrip is, is niet leeg opdat werkers en beleidsmaker met hun goede bedoelingen en projecten deze kunnen verbeteren. Nee, zo niet! Het goede (van God) is volgens Borgman al werkzaam, er gebeuren al allemaal wonderen, gebeurtenissen die niet herleid kunnen worden tot die mooie goede bedoelingen. De vooronderstelling is dat de wereld al vol idealen en waarden zit, vol richting en perspectief. Deze dienen zich onophoudelijk aan en vragen om aandacht. Zij spreken en getuigen allemaal – zij het vaak op gebroken wijze – van het verlangen naar en de inzet voor goed leven. Wat Borgman probeert uit te leggen is dat het er om gaat die perspectieven te zien. De zoektocht naar en het belang van het werken van het goede, van vertrouwen, van geloof, van God wordt door Borgman in het hele boek volmondig uitgesproken. Er spreekt een sterke hoop uit.

Deze opvatting sluit goed aan bij mijn werk in een Rotterdamse wijk. Door op straat te lopen, een boodschapje te doen in de locale Albert Heijn of een praatje te maken bij de bankjes op het plein er voor, ben ik midden in die ‘wereld van Arendt’. Het leven hier gaat niet vanzelf, er zijn zorgen met betrekking tot geld, gedoe met buren, het niet hebben van werk of uitsluiting omdat je een buitenlandse achternaam hebt. Maar mensen van verschillende afkomst leven er wel met elkaar, proberen het uit te houden en waar dat kan geven ze elkaar steun. We proberen als kerkelijk centrum bij die wereld te zijn. Niet altijd makkelijk met met mensen met mooie en minder mooie karakters, onderling wantrouwen, soms gedoe, maar ook met veel plezier en voldoening. Dat beeld van een ‘gemeenschap als veldhospitaal’ past daar wel bij. Geen glanzend kerkgebouw met een perfecte gestroomlijnde architectuur of hoog niveau liturgie. Wel vrouwengroepen, een koor, straatactiviteiten voor kinderen, rommelmarkt, een eetgroep en een kerstavond met Rotterdamse volkszanger. Waar gaat het nou eigenlijk om in de ogen van God?

  1. Anders gaan zien! Contemplatief omgaan met wat zich aan dient.

Zoals Arendt, en dit wordt overgenomen door Borgman, uitgaat van een doorbrekende

contemplatie3

vernieuwing die al aan het gebeuren is, dan is de gekozen werkwijze of methodiek in onze huidige samenleving vaak een totaal andere. Borgman ziet twee stappen in een contemplatieve strategie. (politiek)

De eerste stap is die van het zien, het waarnemen. Dit vraagt om openheid en het ‘verlangen’ om anders te gaan zien. Als Jezus aan zijn leerlingen vraagt ‘Wat willen jullie dat ik voor je doe? Dan antwoorden zij: ‘Dat onze ogen opengaan!’ ( Matt 20,32-33; Lucas 18,41) Dit anders gaan zien is volgens Borgman een ruimte die steeds weer door God geschonken wordt. De tweede stap is die van het ‘meewerken aan dat wat gebeurt’. Op deze manier bekeken is politiek of werken aan verandering een vorm van geloof in, contemplatie van en toewijding aan wat komt. Het woord contemplatie of het contemplatieve standpunt wil zeggen dat er afscheid genomen wordt van elke vorm van afstandelijkheid of onthecht denken. (Taylor) Het gaat er om dat we onszelf zien als mensen verbonden met en op het spel staand in de lotgevallen van de andere schepselen, in de gemeenschap waarmee wij leven.

Contemplatief leven of een contemplatieve politiek betekent een creatieve gehoorzaamheid aan wat zich onherleidbaar aandient en wat niet alleen de wereld, maar dankzij ons engagement er mee ook onszelf herschept. Politiek is dan zichtbaar landelijk of lokaal, waar mensen initiatieven ondersteunen om maatschappelijke verhoudingen te verbeteren of bij te sturen. En niet gestuurd vanuit een overtuiging of een visie.

  1. Een katholiek uitzicht.

In de subtitel schrijft Borgman over een katholiek uitzicht op de samenleving. Dat puzzelt me een beetje. Het heeft betrekking op een manier van kijken en in het leven staan dat universeel is. ‘Katholiek’ betekent dan allereerst universeel, gericht op alle mensen. Duidelijk is dat hij zich sterk verbonden voelt met de huidige paus Franciscus. Hij citeert veel uit Laudato si, de pauselijke tekst over de toekomst van de aarde – die hij grondig heeft bestudeerd – , maar ook uit speeches die deze paus heeft gehouden. En in zijn nawoord benoemt hij dat hij vanuit katholieke organisaties gevraagd is voor een verdere uitwerking van zijn manier van kijken en theologiseren. Door dit te doen maakt hij er toch in eerste instantie een boek van voor katholieke lezers. Dat hij dit katholiek noemt, betekent niet dat het niets gemeen heeft met een protestants, boeddistisch, Islamitisch, joodse of humanistische zienswijze. Het boek is echter wel bedoeld als verbonden met en draagt bij aan een katholieke zienswijze, maar wil zich niet vast pinnen op de verschillen tussen de verschillende tradities. (zie p. 31)

  1. Maakbaarheid versus ontvangen.

images (5)

Ook ik heb in eerste instantie moeite met de tegendraadse mening van de schrijver. Het lijkt zo weinig actief en ‘vaag religieus’. Door stukken in het boek vaker te lezen werd me helderder wat hem voor ogen staat.

Als ik terug kijk naar mijn eigen ontwikkeling dan heb ik verschillende fasen doorgelopen. Als kerkelijk opbouwwerker ben ik geschoold om processen van groepen te begeleiden. In de opleiding lag de nadruk op een systeemaanpak. Allereerst het maken van een goede analyse van de context en organisatie, om vervolgens door middel van een theologische fundering en scenarioaanpak te komen tot een visie die met de kerkleden geïmplementeerd werd. Achteraf gezien een zeer instrumentele werkwijze en gedacht vanuit maakbaarheid. (bij simpele projecten overigens goed te gebruiken). Later sprak de methodiek van appreciative inquery of waarderend onderzoeken me meer aan. Deze methodiek neemt het goede dat al gaande is als uitgangspunt voor kijken en werken. En door datgene dat goed gaat in een gezin, groep, organisatie te benoemen en te waarderen, wordt de basis en openheid gevonden om volgende stappen te zetten. Waarderend onderzoeken is een goed theoretisch gefundeerde aanpak die goed aansluit bij de uitgangspunten van Borgman/Arendt. De twee manieren van werken kunnen elkaar verdiepen en versterken. Een kleine poging:

  • Beide gaan er vanuit dat er kennis is van het goede en dat mensen voortdurend bezig zijn betekenis aan hun leven te geven door elkaar verhalen te vertellen. Hier spreekt een enorm vertrouwen en hoop uit. In die verhalen zit ook hun zoeken, verlangen en dromen. Daar bij aansluiten is wat Borgman de contemplatieve houding noemt.
  • Een volgend aspect is dat het bij een contemplatieve aanpak gaat om relatie, de verbinding, een omarmen, niet van het probleem, maar van wat al bezig en gaande is. In het werkproces van waarderend onderzoeken wordt ieders zoeken en verlangen serieus genomen. Mensen doorlopen met elkaar de stappen. En als een deel van de groep niet mee kan wordt dit uitgesproken. Borgman spreekt over meewerken met wat gaande is. Het is een gebeuren. En als je zo op weg gaat is er geen weg meer terug, omdat de aanpak volstrekt doorleefd en logisch is. Bij die manier van werken is er geen leiding meer die het allemaal al heeft bedacht en de het nog even aan de gewone mensen moet duidelijk maken en ze moet motiveren om uit te voeren wat zij bedacht hebben. Nee, de verandering is intrinsiek en gedragen. Er is geen scheiding tussen denker en doener.
  1. Gelovige kennis.

Het laatste thema dat ik wil noemen is de eigen rol van de theologie en de kennis/wijsheid die voor handen is vanuit de drie grote westerse religies. Borgman noemt dit in zijn nawoord. ‘Aandacht voor de normatieve betekenis van traditie en identiteit’. Waarheid is in onze tijd sterk verbonden met kennis en redelijkheid. Je moet rationeel en redelijk kunnen uitleggen wat je bedoeld en wat je vindt. Deze nadruk op rationaliteit is ook een verarming. Levenswijsheid en kennen van het goede is, vraagt om meer dat logisch rationeel redeneren. Het ‘Bonum Commune’, het goede dat aan de gemeenschap behoort en daarom zo veel mogelijk door de gemeenschap beheerd moet worden is hierin cruciaal. Weten we nog wel wie we zijn als ‘gemeenschap’ en wat het ‘goede’ is dat we moeten beheren. Er is in onze zogenaamde ‘moderne tijd’ een groot tekort aan besef en gesprek over waarden, intrinsieke kennis van het goede. Geloof, religie, levensbeschouwing en ethische vraagstukken zijn wel aanwezig, maar tegelijkertijd vaak iets voor de privésituatie.

 

mensen

Naast Arendt wijst ook Charles Taylor op de ‘malaise van de moderniteit’. Zie In de wortels van het westerse denken is zoveel nadruk komen te liggen op instrumentalisme en individualiteit en hebben we geleerd onthecht met de problemen om te gaan waardoor de verbinding met achterliggende sterke waarden op het spel is komen te staan. ‘Sterke waarderingen’ zitten verstopt in de verhalen en levens van mensen. Door de emancipatoire doelstelling van de Verlichting en het los komen van de onderdrukking van kerk en adellijke klasse is echter ook het kind met het badwater weggegooid. Borgman roeit tegen deze stroom in en de huidige Paus doet hetzelfde met de encycliek Laudate si. Er is in deze tijd naar mijn idee ook een groot verlangen naar mystiek en verbinding. Het ontvankelijk kunnen zijn en delen van ervaringen rondom de eigen levensstijl de daarmee verbonden waarden is zeer actueel.

Het is spannend om te volgen of de katholieke organisaties het boek van Borgman gaan gebruiken om tot nieuwe werkwijzen en projecten te komen. Of worden ze in de weg gezeten door de bisschoppen die dikwijls nog te veel bezig zijn met binnenkerkelijke zorgen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s